Eerste lezing: Hooglied 2,8-14
Evangelie: Lucas 1,39-45
Inleiding
Vreugde om iets wat niet van deze wereld is. Vreugde om de Heer, die komt. Dat is in de menselijke werkelijkheid iets van het hart, want aan mensen die Hem niet zien, laat Hij Zich voelen in de innerlijkheid van hun hart, in het binnenste, waar je wordt meegenomen door bewegingen van de heilige Geest en door zijn kracht. Dat is wat we aan het begin van deze viering in ons mogen laten geschieden: dat Hij ons hart raakt in verwachting van zijn komst.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas
In die dagen reisde Maria met spoed
naar het bergland naar een stad in Juda.
Ze ging het huis van Zacharias binnen
en groette Elisabet.
Zodra Elisabet de groet van Maria hoorde
sprong het kind op in haar schoot.
Elisabet werd vervuld met de heilige Geest
en riep met luide stem uit:
Gij zijt gezegend onder de vrouwen
en gezegend is de vrucht van uw schoot.
Waaraan heb ik het te danken,
dat de moeder van mijn Heer naar mij toekomt?
Zie, zodra de klank van uw groet mijn oor bereikte,
sprong het kind van vreugde op in mijn schoot.
Zalig zij, die geloofd heeft dat tot vervulling zal komen
wat haar vanwege de Heer gezegd is.
Homilie
Vandaag is het een en al opgetogenheid in het evangelie. Het gaat over de eerstelingen van de Geest, de Geest van de Blijde Boodschap. Maria reisde met spoed naar het bergland; het kindje sprong op in de schoot van zijn moeder; Elisabet werd vervuld van de heilige Geest en riep met luider stemme uit: "Zalig. En morgen zullen we horen hoe Maria de Heer prijst: Mijn hart prijst hoog de Heer, van vreugde juicht mijn geest
" (Lc 1,46.47). Vanwaar die opgetogenheid?
Vreugde ontstaat wanneer twee levens elkaar kruisen. Doordat een ander ons leven kruist, ontstaat er een nieuwe vitaliteit, een nieuwe levensvreugde. Je ziet dat bij een ontmoeting. Als twee mensen elkaar gewaar worden, elkaar zien, dan zie je hoe de blik van de een verandert bij het zien van de blik van de ander. Er ontstaat een nieuwe levensvreugde, een gedeeld leven, gedeelde levensvreugde. Zoiets gebeurt altijd wanneer twee mensenlevens elkaar raken en kruisen. En als dat al zo is, wat zal er dan wel niet gebeuren wanneer het leven van God met het leven van de mens in aanraking komt? Of wanneer - zoals in het evangelie van vandaag - twee van God vervulde mensen elkaar ontmoeten? Dan ontstaat er, zoals dat met twee stromen gebeurt, een wieling, een draaikolk van vreugde. Dát is de vreugde van de Advent, die vandaag persoonlijk beleefd wordt in de ontmoeting tussen Maria en Elisabet.
De ontmoeting tussen deze twee mensen is de inleiding, het eerste begin, de inzet van een ontmoeting die zal leiden tot een Verbond, tot een blijvend samenzijn in een nieuw en eeuwig Verbond. Het is niet elkaar even vluchtig zien en dat dan ieder weer zijn eigen weg gaat, nee, "de Heer is met u
Gij hebt genade gevonden bij God
Hij zal in eeuwigheid Koning zijn over het huis van Jakob en aan zijn heerschappij zal nooit een einde komen." Het is het begin van iets wat nooit meer ophoudt. Jezus is de vrucht van Maria's schoot en alle geslachten zullen in haar worden gezegend. Dat is de diepste vreugde van Maria, de inzet van een leven dat zich ten einde toe helemaal en voor altijd zal geven.
De mens krijgt dat zomaar cadeau, hij kan er niets aan doen om dat te bewerken, hij krijgt het om niet, want hij is als een drenkeling. Het enige dat hij kan doen is zijn hand uitsteken naar zijn Redder en dát moet hij dan ook doen, want zonder zijn eigen medewerking kan niemand gered worden.
Dat is ons geloof. Je gelooft in de goede bedoelingen van God, je gelooft dat Hij het beste met je voor heeft en dat je je dus helemaal aan Hem kunt en moet toevertrouwen, je helemaal kunt overgeven aan zijn leiding en zorg, zodat je niet hoeft te begrijpen, ja, niet eens moet willen begrijpen, omdat je bent als een kind die de liefde en de wijsheid voelt van zijn Vader.
Zo mogen wij ons in de eucharistie helemaal, met heel ons hebben en houden, met al onze zorgen en verdriet, laten opnemen in het omvormingsgebeuren van de eucharistie, de transsubstantiatie, de zelfstandigheidverandering van brood en wijn en ook de zelfstandigheidverandering van onszelf. Wij hebben er geen greep op, maar wij geloven dat Hij ons in zijn liefdevolle en barmhartige greep neemt én houdt.