Eerste lezing: 1 Korintiërs 10,14-22
Evangelie: Lucas 6,43-49
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:
Er bestaat geen goede boom die zieke vruchten voortbrengt
en evenmin een zieke boom die goede vruchten voortbrengt.
Iedere boom immers wordt gekend aan zijn vruchten;
men plukt geen vijgen van dorens,
men oogst geen druiven van een braamstruik.
Een goed mens brengt uit de schat van goedheid in zijn hart
het goede te voorschijn,
maar een slechte uit zijn schat van slechtheid het slechte;
want zijn mond spreekt waar zijn hart van overloopt.
Waarom toch noemt gij Mij: Heer, Heer!
als ge niet doet wat Ik zeg?
Ieder die tot Mij komt,
naar mijn woorden luistert en er naar handelt,
Ik zal u duidelijk maken op wie hij gelijkt.
Hij gelijkt op de man die bij het bouwen van zijn huis
diep had gegraven
en het fundament had gelegd op de rotsgrond.
Toen de stortvloed kwam, beukte de storm op dat huis,
maar had niet de kracht om het te doen wankelen,
omdat het zo goed gebouwd was.
Wie luistert maar niet doet,
gelijkt op de man die zijn huis
op de grond bouwde zonder fundering;
de storm beukte er op en ogenblikkelijk stortte het in
en de verwoesting van dat huis was volkomen.
Homilie
Vandaag spreken Paulus en Jezus waarschuwingen uit tot hun gehoor, tot ons: 'denk eraan, het gaat om redding of ondergang!' Het is een kwestie van erop of eronder. Paulus had al eerder gezegd dat dit ook voor hem zelf gold: "Ik beuk mijn lichaam en houd het in bedwang, om niet, na anderen gepredikt te hebben, zelf te worden verworpen" (1 Kor 9,27). Hij zegt tot zijn Korintiërs: 'jullie zouden wel eens een les mogen trekken uit hoe het de Joden in de woestijn verging. Ook toen waren er sacramenten (doopsel door wolk en zee, nuttiging van geestelijk voedsel en geestelijke drank, namelijk uit de geestelijke rots Christus die met hen meeging), maar in de meesten van hen heeft God geen behagen gehad.' Zo ver is het in Korinte nog niet. Het eten van vlees dat aan de afgoden was geofferd, was wel een grensgeval, maar wanneer het gaat om deelname aan een heidense offerdienst, wordt die grens fors overschreden, want dan gaat het om een cultische maaltijd. En juist zoals het bij de Joden was: wie de offers nuttigden, traden in gemeenschap met het altaar, zo is het ook bij de heidense eredienstmaaltijden: maaltijdgemeenschap bewerkt levensgemeenschap. Neem je deel aan een heidense offermaaltijd, dan neem je deel aan de boze geesten: "wat de heidenen offeren, offeren zij aan boze geesten en niet aan God." En hoe denken jullie dat nu met elkaar te kunnen rijmen: levensgemeenschap met de boze geesten en levensgemeenschap met Christus "aan de tafel des Heren? De beker die wij zegenen geeft immers gemeenschap met het bloed van Christus? Geeft niet het brood dat wij breken, gemeenschap met het lichaam van Christus?" Jullie zullen moeten kiezen. Het is heil of onheil.
Ook Jezus spreekt aan het eind van zijn rede zo'n ernstige vermaning uit, want het gaat om ernstige dingen, om de laatste dingen, om redding of ondergang, om algehele redding of totale ondergang: "de verwoesting van dat huis was volkomen. Aan de vier zaligsprekingen had Jezus daarom vier weeroepen toegevoegd. Dit dreigement maakt wezenlijk deel uit van de prediking van Jezus en van de apostelen, want Jezus drukt zijn leerlingen op het hart In elke stad waar gij niet ontvangen wordt, trekt daar door de straten en zegt: Zelfs het stof uit uw stad aan onze voeten schudden wij tegen u af. Maar weet dit wel: het Rijk Gods is nabij. Ik zeg u: Op die dag zal het voor de mensen van Sodom dragelijker zijn dan voor die stad (Lc 10,11-12). Jezus houdt het zijn vrienden voor: Tot u die mijn vrienden zijt, zeg Ik: Vreest niet hen die het lichaam doden, maar daarna niets ergers kunnen doen. Ik zal zeggen wie gij moet vrezen: vreest Hem die, nadat Hij gedood heeft, macht bezit om in de hel te werpen. Ja, zeg Ik u, vreest Hem!" (Lc 12,4-5; zie verder nog: 12,9; 13,5.9; 14,24).
Jezus is een leraar als geen andere. Er zijn momenteel allerlei heilsleren in omloop, allerlei organisaties en instellingen die zich om het uiteindelijke heil van de mensen bekommeren. Om er maar enige te noemen: Shinto Zen, Shiatsu, Tai Chi, een bewegingsmethode voor actieve ontspanning, gezondheid, ademhaling en evenwicht. Er zijn gezondheidscentra voor alzijdige gezondheidszorg, holistische groeicentra, waar, als oude vormen barsten, nieuwe kunnen ontstaan. Ze pretenderen enige invloed te kunnen uitoefenen op het eeuwige heil van de mensen, maar dat ze daar zelf niet in geloven blijkt al uit het feit dat ze nooit het onheil in het vooruitzicht stellen, als je niet bij hen in de leer gaat. Met andere woorden, ze bieden hun wijsheid aan als een mogelijke verrijking van het welzijn van de mensen, maar niet als het welzijn zelf. Het is bij hen nooit: alles of niets. Dat is het bij Jezus wel: "Wie van dit Brood eet, zal leven in eeuwigheid. Maar wie niet van dit brood eet, zal sterven." Het goede dat Jezus ons aanbiedt, is niet zomaar een goed, of zelfs maar een groot goed, maar het goede zonder meer, het enige goed, het eeuwige leven, het ene noodzakelijke. Zonder dat goed worden al je goederen waardeloos en is je hele welzijn ten dode opgeschreven. Zijn woorden vormen zoveel als het fundament van je leven. Zonder dat fundament stort het huis van je leven vroeg of laat in. Versterking van het fundament van ons leven brengt Hij ons in de eucharistie, wat een kind mag krijgen aan het begin van zijn leven: een gevoel van fundamentele geborgenheid, een oerzekerheid van de liefde van God en de mensen.