Eerste lezing: Ezechiël 37,21-28
Evangelie: Johannes 11,45-56
Inleiding
De Heer heeft tot zijn dood toe het volk als een dienaar gediend. In zijn dienen heerst Hij. Hij heerst dus door te dienen. Dat is de omgekeerde wereld, een omgekeerd koningschap, een koningschap van onder in plaats van boven, het koningschap van de laatste plaats in plaats van de eerste plaats. Zo is Hij ook in deze eucharistie aanwezig. Hij bedient ons met zijn Woord, als inleiding, als een opgaan naar die andere dienst, het dienstbetoon van zijn leven. Hij bedient ons met zijn leven. Mogen wij daardoor hier méér als dienaar uitkomen, meer dienaar dan wij er in zijn binnengegaan.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes
Vele Joden die in die dagen naar Maria waren gekomen
en zagen wat Jezus gedaan had, geloofden in Hem.
Enigen van hen gingen echter naar de Farizeeën
om hun te vertellen wat Jezus gedaan had.
De hogepriesters en Farizeeën belegden daarop een zitting
van het Sanhedrin en zeiden:
Wat doen we? Want die man verricht veel wonderen.
Als wij Hem zijn gang laten gaan
zullen ze allemaal in Hem geloven.
Dan zullen de Romeinen komen
en met de heilige plaats ook ons volk wegvagen.
Maar een van hen, Kajafas, die dat jaar hogepriester was zei hun:
Gij begrijpt er niets van; ge denkt er niet aan,
dat het beter voor u is, dat er één mens voor het volk sterft
dan dat het hele volk ten onder gaat.
Dit zei hij niet uit zichzelf,
maar als hogepriester van dat jaar
profeteerde hij dat Jezus zou sterven voor het volk;
en niet voor het volk alleen,
maar ook om de verstrooide kinderen van God samen te brengen.
Van die dag af waren ze besloten Hem te doden.
Jezus bewoog zich daarom niet meer openlijk onder de Joden,
maar vertrok vandaar naar de streek bij de woestijn,
en wel naar de stad Efraïm waar Hij met zijn leerlingen verbleef.
Toen echter het paasfeest van de Joden op handen was
gingen velen uit de streek vóór Pasen naar Jeruzalem
om zich te reinigen.
Ze zochten naar Jezus en zeiden tot elkaar
terwijl ze in de tempel stonden:
Wat dunkt u? Zou Hij niet naar het feest komen?
Homilie
Natuurlijk komt Jezus wel, daarom wordt juist vandaag dit evangelie gelezen, om ons voor te bereiden op de komst van Jezus, morgen naar het feest. Vandaag staat er alvast een schijnwerper op de reden van zijn komst. Waarom komt Hij? Wat komt Hij doen? Wat is de betekenis van wat Hij gaat doen, van wat Hij gaat lijden, van wat Hij aan Zich laat gebeuren?
Kajafas doet als hogepriester een voorzegging:"Ge denkt er niet aan, dat het beter voor u is, dat er één mens sterft voor het volk
" Hij profeteerde dat Jezus zou sterven voor het volk en niet voor het volk alleen, maar ook om de verstrooide kinderen van God samen te brengen. Zo zou Hij die andere profetie van Ezechiël, waarover we in de eerste lezing gehoord hebben, tot vervulling brengen: "Ik zal de kinderen van Israël, die overal verspreid onder de volken leven, bijeenbrengen en hen terugvoeren naar hun eigen grond. Ik zal hen tot één enkel volk maken." Door de manier waarop Jezus morgen, op Palmzondag, wordt ingehaald, kunnen we zien hoe bij Hem de vervulling van deze profetie wordt waargemaakt: Hij maakt zijn volk één, Hij maakt ons één.
Een koning behoort ook één te maken, dat is de functie van een koning. Hij heeft tot taak het volk in zijn eenheid present te stellen én om die eenheid tot vervulling te brengen. Het koningschap symboliseert de eenheid van de natie.
Maar Jezus' koningschap is niet van deze wereld. Het brengt bijeen langs een andere weg. "Mijn koningschap is niet van deze wereld, zegt Jezus. Zou mijn koningschap van deze wereld zijn, dan zouden mijn dienaren er wel voor gestreden hebben, dat Ik niet aan de Joden werd uitgeleverd. Mijn koningschap is evenwel niet van hier." Jezus' koningschap is dus een niet-strijdend koningschap, het is een geweldloos koningschap, een koningschap dat zich niet verdedigt tegen het geweld van zijn tegenstanders, tegen het geweld van Kajafas, van de hogepriesters en de Farizeeën, die bang zijn hun macht te verliezen, hun aanhang kwijt te raken aan deze onaardse Koning Jezus.
Hoe is Jezus dan Koning? Hij is Koning van de harten. Hij is niet alleen een dienende Koning, maar Hij is ook Koning van de harten, door geweldloos het geweld te dragen dat Hem wordt aangedaan. Daarbij moet Hij Zich van binnen geweld aan doen, want dat gaat niet zomaar. Door het geweld niet te beantwoorden met tegengeweld, is Hij Koning van de harten geworden. Hij is een Koning die heerst met nederigheid en zachtmoedigheid. "Leert van Mij: Ik ben zachtmoedig en nederig van hart" (Mt 11,29), hetgeen betekent dat Jezus door en door nederig is, dat Hij door en door zachtmoedig is. Uit zijn Hart kan alleen maar zachtmoedigheid komen. En de zachtmoedigen, zegt Hij in de Bergrede, zullen het land bezitten. "Zalig de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten" (Mt 5,5).
Morgen, op Palmzondag, gaat Jezus zachtmoedig en nederig, gezeten op een ezeltje, zijn stad Jeruzalem binnen, de stad die Hem zal verwerpen. En dan gaat die andere voorspelling in vervulling: "Zeg aan de dochter van Sion: Zie, uw Koning komt tot u, zachtmoedig en gezeten op een ezel, op een veulen, het jong van een lastdier" (Mt 21,5; naar Zach 9,9). Zo komt de eenheid tot stand, via zachtmoedigheid en nederigheid.
Wij willen diezelfde weg gaan, ook wij willen conflicten overwinnen niet met geweld, maar door het uit te houden ten einde toe, door er als het ware aan te sterven. Niet je eigen gelijk doordrukken, je niet laten gelden, maar doen alsof je er niet bent, alsof je niet meetelt, alsof je niet meer leeft, alsof je niemand bent, precies zoals Jezus ten einde toe over Zich heeft laten lopen.
Jezus volgen betekent dus eigenlijk dat je kansen ziet om anderen te dragen, dat je wacht op de bekering van de ander. Dat kan betekenen dat je een conflict niet opjaagt, niet hoog speelt, dat je de ander het mes niet op de keel zet, dat je niet met de vuist op tafel slaat. Ook bij innerlijke conflicten kan Jezus' levenshouding je een nieuwe kans bieden, door de spanningen innerlijk uit te houden, door ze te dragen. Hij draagt ze met je mee!