Eerste lezing: Handelingen 28,16-20.30.31 [I 244];
Evangelie: Johannes 21,20-25 [I 245]
Inleiding
Acht keer hebben we 'alleluia' gezongen in de intredezang. Dat is zeven plus één, de volheid en dan nog één erbij. Die ene die ons hart doet overlopen van vreugde. Geen vreugde die direct voelbaar is, geen psychische vreugde, geen ik-betrokken vreugde, maar een vreugde die betrokken is op God en daarom overvloedig is. Zo zijn wij hier ook bijeen, niet alleen met ons eigen kleine groepje, maar met alle volkeren, heel de wereld, want het is God voor wie wij verschijnen. Het is God die ons verlost uit de dood, uit de dood van de zonde. Dat is wat we ons het eerst te binnen brengen bij de eucharistie, onze zonden, waaruit Hij ons gaat verlossen met zijn barmhartigheid.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes
In die tijd, toen Petrus zich omkeerde, zag hij
dat de leerling van wie Jezus veel hield, hen volgde;
dezelfde die ook bij de maaltijd tegen Jezus' borst had geleund
en had gezegd:
Heer, wie is het die U zal overleveren?
Toen Petrus hem nu zag, vroeg hij aan Jezus:
Wat dan met hem?
Waarop Jezus hem zei:
Als Ik hem wil laten blijven tot Ik kom,
is dat uw zaak? Gij moet Mij volgen!
Zo ontstond onder de broeders het gerucht
dat die leerling niet zou sterven.
Doch Jezus had hem niet gezegd, dat hij niet zou sterven,
maar: Als Ik hem wil laten blijven tot Ik kom,
is dat uw zaak?
Dit is de leerling
die van deze dingen getuigt en dit geschreven heeft,
en wij weten dat zijn getuigenis waar is.
Er zijn nog veel andere dingen die Jezus gedaan heeft.
Maar als ze een voor een beschreven worden,
dan zou naar mijn mening zelfs de hele wereld te klein zijn
voor de boeken die men dan zou moeten schrijven.
Homilie
De hele wereld te klein" voor de boeken die men zou moeten schrijven wil men alle dingen vertellen die Jezus gedaan heeft, behalve dat evangelieboek dan. Oosterse overdrijving, zoiets als de balk in je eigen oog, de kameel doorslikken, de kameel door het oog van een naald. Maar die oosterse overdrijving, die oosterse wijze van zeggen, wil iets vertellen wat niet overdreven is, namelijk dat Jezus doorgaat met geschiedenis maken, met geschiedenis schrijven.
Neem nu eens Paulus. Paulus zegt: "het is om de verwachting van Israël dat ik deze ketenen draag." Niet om de één of andere strijd met zijn volk, of dat hij zijn volk iets te verwijten zou hebben, nee, hij laat de Joodse overheden in Rome bij zich komen om het helder te stellen: het is omwille van Jezus. Jezus neemt zo'n plaats in zijn leven in dat hij omwille van Hem ketenen draagt, geboeid is, zijn vrijheid eraan geeft, het goed vindt dat hij geboeid door het leven gaat. Het is niet zomaar, het is omwille van Jezus. Zo schrijft Jezus geschiedenis.
"Wie mijn volgeling wil zijn
(Mt 16,24). Daar gaat het hier over. Wie mijn volgeling wil zijn, moet Mij volgen door zichzelf te verloochenen." Door datgene af te schrijven waarmee mensen geschiedenis maken, jezelf, je naam, eer, prestatie, alles wat op jouw rekening geschreven wordt, waarvoor mensen zich de grootste inspanningen getroosten, dat moet je er allemaal aan geven om Jezus geschiedenis te kunnen laten maken. "Wie zijn leven verliest
" (Mt 16,25), zo ver gaat dat! Zoveel impact heeft Jezus op het menselijk hart, dat Hij mensen ertoe kan brengen zelfs onverschillig te zijn voor hun leven. Als Hij erbij is, wordt alles anders, wordt je leven anders, wordt ook je on-leven, je sterven anders. Zo wordt Jezus iemand die uitrijst boven alle andere personen, maar op een heel verborgen manier. Je verliest je identiteit niet, maar toch word je zozeer met Hem verenigd, dat Hij het is die het doet.
Elke keer dat een mens het leven en het lijden, dus het on-leven, uit Gods hand aanneemt, dat zijn ziel zich niet gemarteld weet door een martelwerktuig, maar dat hij door het lijden heen zich overgeeft aan de hand van God, maakt Jezus geschiedenis. Zo maakt Hij geschiedenis, de geschiedenis van de zielen, de binnenkant, als een verborgen aanwezigheid in de menselijke geschiedenis, in de geschiedenis van individuele mensen en in de geschiedenis van heel de wereld. Dat is de binnenkant van onze wereld. De verborgen binnenkant waaraan mensen deel hebben wanneer zij zich laten leiden door de heilige Geest, waarvan wij vandaag, op de vigilie van Pinksteren, op bijzondere wijze in afwachting zijn.