Bezoek van Maria aan Elisabet
(eigen lezingen)
Eerste lezing: Sefanja 3,14-18a [IV 34]; of: Romeinen 12,9-16b [IV 35]
Evangelie: Lucas 1,39-56 [IV 36]
Inleiding
Vreugde! 'Gaudeamus omnes in Domino.' 'Blij zijn in de Heer.' De engelen verheugen zich en prijzen de Zoon van God. Waarom zijn we zo blij? Waarom is het hart van de Kerk zo blij gestemd?
Wat we vandaag vieren, het bezoek van Maria aan Elisabet, is een heel klein, maar echt begin. Het is nog maar in de schoot van de moeder, verborgen in de schoot van de geschiedenis, in het privé-leven van twee mensen. Meer is het niet, maar het is het begin van een wereldwijd gebeuren. Heel onze werkelijkheid wordt opnieuw aangesloten op God. Verloren als we waren en aan onze ondergang prijsgegeven, is dit het nieuwe begin. De nieuwe wereld van het nieuwe leven. Dat is wat wij in iedere eucharistie vieren. Daarom is het goed dat deze feesten er zijn, die laten zien dat dit gebeuren het vieren waard is.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas
In die dagen reisde Maria met spoed naar het bergland,
naar een stad in Juda.
Zij ging het huis van Zacharias binnen en groette Elisabet.
Zodra Elisabet de groet van Maria hoorde,
sprong het kind op in haar schoot.
Elisabet werd vervuld met de heilige Geest
en riep uit met luide stem:
Gij zijt gezegend onder de vrouwen
en gezegend is de vrucht van uw schoot.
Waaraan heb ik het te danken,
dat de moeder van mijn Heer naar mij toekomt?
Zie, zodra de klank van uw groet mijn oor bereikte,
sprong het kindje van vreugde op in mijn schoot.
Zalig zij die geloofd heeft, dat tot vervulling zal komen
wat haar vanwege de Heer gezegd is.
En Maria sprak:
Mijn hart prijst hoog de Heer,
van vreugde juicht mijn geest om God mijn redder:
daar Hij welwillend neerzag op de kleinheid zijner dienstmaagd.
En zie, van heden af prijst elk geslacht mij zalig,
omdat Hij die machtig is, aan mij zijn wonderwerken deed,
en heilig is zijn Naam.
Barmhartig is Hij van geslacht tot geslacht
voor hen die Hem vrezen.
Hij toont de kracht van zijn arm;
slaat trotsen van hart uiteen.
Heersers ontneemt Hij hun troon,
maar Hij verheft de geringen.
Die hongeren overlaadt Hij met gaven,
en rijken zendt Hij heen met lege handen.
Zijn dienaar Israël heeft Hij Zich aangetrokken,
gedachtig zijn barmhartigheid voor eeuwig
jegens Abraham en zijn geslacht,
gelijk Hij had gezegd tot onze Vaderen.
Nadat Maria ongeveer drie maanden bij Elisabet gebleven was,
keerde zij naar huis terug.
Homilie
In die dagen reisde Maria met spoed naar het bergland.
Elisabet werd vervuld met de heilige Geest en riep uit met luide stem
" Het evangelie van vandaag lijkt ons geen goed voorbeeld te geven. Ze hebben haast - haastige spoed is zelden goed - en ze roepen luid, en in onze tijd zijn de mensen toch al zo druk en zo haastig, van louter haast struikelen ze over hun eigen benen, overal stress, drukte, lawaai, zo zelfs dat er in onze maatschappij een tegenbeweging op gang is gekomen die pleit voor 'onthaasting'.
Wat moeten we nu met die spoed van Maria en het luide spreken van Elisabet? Maria reisde nog wel naar het bergland. Bij het beklimmen van zo'n helling is haastige spoed juist heel verkeerd, een mens houdt het niet lang vol, zo de wetten van de zwaartekracht te tarten. Om de zwaartekracht te overwinnen heeft de mens een lift nodig. Maar Maria reisde met spoed, alsof de wet van de zwaartekracht voor haar niet bestond, het leek wel of het zware van de aarde, het teneerdrukkende, werd opgevangen door een andere kracht, dezelfde kracht die het kindje deed opspringen in de schoot van Elisabet, dezelfde kracht die Elisabets stem een ongewone luidheid gaf. "Elisabet werd vervuld met de heilige Geest en riep uit met luide stem
"
Nog vóór er iets gezegd werd, had de heilige Geest al bezit genomen van de personen die gaan spreken. Zoals het was bij de boodschap van de engel: "Zie, gij zult zwanger worden en een zoon ter wereld brengen
(Lc 1,31). Hoe zal dit geschieden daar ik geen man beken? Als antwoord op het menselijke onvermogen komt dan het woord van de engel: De heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen (Lc 1,35). Het was niet Maria zelf die haar voeten snelheid gaf en lichtheid. Er was haar een teken gegeven: Weet dat zelfs Elisabet, uw bloedverwante, in haar ouderdom een zoon heeft ontvangen, en ofschoon zij onvruchtbaar heette, is zij nu in haar zesde maand, want voor God is niets onmogelijk" (Lc 1,36-37). Maria wordt ertoe getrokken het teken dat God haar geeft, in ogenschouw te gaan nemen. Daartoe wordt zij door de heilige Geest aangezet, aangetrokken als door een magneet.
Als de herders de Blijde Boodschap verkondigd wordt: "Heden is u een Redder geboren, Christus de Heer, in de stad van David. En dit zal voor u een teken zijn: gij zult het pasgeboren Kind vinden, in doeken gewikkeld en liggend in een kribbe (Lc 2,11-12), haasten zij zich om te gaan zien wat hun gezegd is. Zodra de engelen van hen waren heengegaan naar de hemel, zeiden de herders tot elkaar: Komt, laten we naar Betlehem gaan om te zien wat er gebeurd is en de Heer ons heeft bekend gemaakt. Zij haastten zich er heen en vonden Maria en Jozef en het pasgeboren Kind dat in de kribbe lag. Toen ze dit gezien hadden maakten zij bekend wat hun over dit Kind gezegd was" (Lc 2,15-17).
Mensen kunnen vanuit hun eigen geest worden aangezet om haast te maken. Mensen kunnen vanuit hun eigen geest worden bewogen om luid te spreken, maar blijkbaar kunnen mensen ook door de heilige Geest, door de kracht van de Allerhoogste, tot spoed worden bewogen. "Toch liep Petrus ijlings naar het graf (Lc 24,12). Ook de Emmaüsgangers stonden onmiddellijk op en keerden naar Jeruzalem terug (Lc 24,33). Zij hadden die hele reis gemaakt en waren moe, ze hadden de Vreemdeling die hen vergezelde uitgenodigd bij hen te blijven: Blijf bij ons, want het wordt al avond" (Lc 24,29), maar toen ze het gebaar van de Heer zagen, het breken van het brood en zij Hem herkenden, stonden zij onmiddellijk op en keerden naar Jeruzalem terug en "daar vonden ze de elf met de mensen van hun groep bijeen. Dezen verklaarden: de Heer is werkelijk verrezen, Hij is aan Simon verschenen" (Lc 24,33-34). Snel, met spoed, gedreven door een Geest, niet van menselijke haast en drukte, geen gedrevenheid door eigen geest, maar door de heilige Geest.
Heel dit evangelie is vol van de heilige Geest. Niet alleen Elisabet sprak met luide stem, geïnspireerd door de heilige Geest, ook het Magnificat moet je beschouwen als gesproken met een profetisch stemgeluid, en eigenlijk zegt Maria precies hetzelfde: 'niet menselijke kracht, maar Gods kracht heeft mij verheven.' Het is Gods kracht die werkzaam is in de geschiedenis, het is Gods kracht die Israël in de greep heeft genomen. Het is Gods kracht die heersers hun troon ontneemt en de geringen verheft. Een kracht, maar een zachte kracht, een kracht van barmhartigheid. "Gedachtig zijn barmhartigheid voor eeuwig jegens Abraham en zijn geslacht, gelijk Hij had gezegd tot onze Vaderen."
Voor die kracht heeft Maria zich opengesteld. Het verlangen van heel de mensheid naar God vervulde haar hart en daarom antwoordde zij: "Mij geschiede naar uw woord." 'Kom heilige Geest, open hemelen, aarde scheur uiteen.' Dan kan de Geest komen.
Zo mag het ook nu zijn. U hebt naar het Woord geluisterd, uw hart is opengegaan, en nu mag u het Woord ontvangen in vleesgeworden gedaante.