Heilige Birgitta, kloosterlinge, patrones van Europa
                                  (eigen lezingen)


Eerste lezing: Galaten 2,19-20  
Evangelie: Johannes 15,1-8


Inleiding  
   

Birgitta, medepatrones van Europa. Ze leidde een Europees leven. Opgegroeid in Zweden bracht zij een groot deel van haar leven in Rome door. Toen zij gestorven was, werd haar sarcofaag als in een zegetocht door Europa gedragen, terug naar het klooster dat zij had gesticht te Vadstena in Zweden. Zij leidde een dubbel heilig leven, geen dubbel leven, maar een tweemaal heilig leven: een heilig leven als echtgenote en als moeder van acht kinderen, en toen haar man gestorven was leidde ze een heilig leven als stichteres van een religieuze orde naar haar genoemd: Birgittinessen. Zij is patrones van Europa, samen met de heilige vrouwen Edith Stein en Catharina van Siëna, en met de heilige mannen: Benedictus, Cyrillus en Methodius.
Er gaat van het evangelie, er gaat van Jezus, een omvormende kracht uit, die zelfs de politiek kan beïnvloeden. Laten ook wij ons laten omvormen door dat woord en door de liefde, de liefdesgave van Jezus. Dat is eigenlijk de inzet van de eucharistie. Dat wij ons nog zo weinig lieten omvormen, door zijn woord, door zijn liefde, dat wij ons er niet door laten raken, is dat niet onze zonde? Belijden wij dan onze schuld om deze heilige Geheimen goed te kunnen vieren.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:
“Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de wijnbouwer.
Elke rank aan Mij die geen vrucht draagt, snijdt Hij af,
en elke rank die wel vrucht draagt zuivert Hij,
opdat zij meer vrucht mag dragen.
Gij zijt al rein dank zij het woord dat Ik tot u gesproken heb.
Blijft in Mij, dan blijf Ik in u.
Zoals de rank geen vrucht kan dragen uit zichzelf,
maar alleen als zij blijft aan de wijnstok,
zo gij evenmin, als gij niet blijft in Mij.
Ik ben de wijnstok, gij de ranken.
Wie in Mij blijft, terwijl Ik blijf in hem,
die draagt veel vrucht,
want los van Mij kunt gij niets.
Als iemand niet in Mij blijft,
wordt hij weggeworpen als de rank en verdort;
men brengt ze bij elkaar, gooit ze in het vuur, en ze verbranden.
Als gij in Mij blijft en mijn woorden in u blijven,
vraagt dan wat gij wilt en gij zult het krijgen.
Hierdoor wordt mijn Vader verheerlijkt,
dat gij rijke vruchten draagt;
zo zult gij mijn leerlingen zijn.”

Homilie      

De parabel van de wijnstok. Een parabel is de weergave van een gebeuren in de natuur, in de geschiedenis, of in de menselijke verhoudingen. Wat daar gebeurt is, daarvan wordt gezegd dat die werkelijkheid, van de natuur of van de geschiedenis, iets weergeeft van het gebeuren tussen God en de mensen. Wat gebeurt er nu in de parabel van de wijnstok en de ranken? Hoe gebeurt dat in ons?

"Gij zijt al rein dank zij het woord dat Ik tot u gesproken heb." Rein, gesnoeid, zoals met ranken gebeurt, gezuiverd, verbonden met de wijnstok. Hoe gebeurt dat dan in ons? Door het woord. "Gij zijt al rein dank zij het woord." Dus de parabel van de wijnstok en de ranken wordt in de prediking zelf tot werkelijkheid. Het woord is Jezus, en de wijnstok is Jezus. En u bent als toehoorders de ranken. Door het woord, door de wijnstok, vloeit het leven van Jezus naar u toe, door u heen. "Als gij in Mij blijft.” Hoe blijf je in Jezus? “Als gij in Mij blijft en mijn woorden in u blijven." U blijft dus in Jezus door zijn woord, wij blijven in Jezus wanneer wij zijn woorden in ons laten blijven. Als de wijnstok spreekt Jezus het woord en wanneer u het woord opneemt, aanneemt, het in u laat verblijven, het toelaat in uw hoofd en in uw hart, dan gaat het levenssap van de wijnstok die Jezus is, uw hart binnen. Als u zich voelt aangesproken door het woord, gaat dat gepaard met troost. Dan werkt de heilige Geest zelf in u.

De heilige Geest is niet een geest die mensen zelf kunnen opwekken, een menselijke kracht. Het is een kracht, die vanuit een andere oorsprong in de mens werkt. Zoals de goddelijke kracht van Jezus door Birgitta heen werkte in haar gezin, in de kinderen die zij opvoedde, en in haar man. Zoals de goddelijke kracht van Jezus door Birgitta heen werkte in de politieke verhoudingen van de Kerk en de staat. God zelf trekt de mensen aan door zijn heilige Geest, door het woord dat de Kerk van Jezus ontvangen heeft. Het heeft een omvormende kracht, zo sterk dat Paulus kan zeggen: "ik leef niet meer, Christus leeft in mij." Een vurig beschouwster van Jezus' lijden formuleerde het als volgt: 'Je gaat dood aan je eigen leven'; ze stierf aan haar eigen leven om zo het leven van Jezus, die vurigheid van de liefde van Jezus, in haar te laten geworden. Dat is het voorbeeld van de heiligen. Dat is de kracht van de heilige eucharistie, dat niet alleen brood en wijn veranderen door de kracht van de heilige Geest, maar dat wij allen die daaraan deelnemen, worden omgevormd in Jezus.