Bezoekt U voor het eerst deze site? Leest U dan eerst de inleiding. Hier vindt U aanwijzingen voor het gebruik van onderstaande tekst.
| U | it het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus |
| 1 | waarbij de moeder van Jezus aanwezig was. |
| 2 | waren eveneens op die bruiloft uitgenodigd. |
| 3 | zei de moeder van Jezus tot Hem: "Ze hebben geen wijn meer." |
| 4 | "Vrouw, is dat soms uw zaak? Nog is mijn uur niet gekomen." |
| 5 | "Doet maar wat Hij u zeggen zal." |
| 6 | der Joden zes stenen kruiken, elk met een inhoud van ongeveer honderd liter. |
| 7 | "Doet die kruiken vol water." Zij vulden ze tot bovenaan toe. |
| 8 | "Schept er nu wat uit en brengt dat aan de tafelmeester." Dat deden ze, |
| 9 | dat in wijn veranderd was - hij wist niet waar die wijn vandaan kwam, maar de bedienden die het water geschept hadden, wisten het wel -, riep hij de bruidegom en zei hem: |
| 10 | en wanneer men eenmaal goed gedronken heeft de mindere. U hebt de goede wijn tot nu toe bewaard." |
| 11 | met de tekenen en openbaarde zijn heerlijkheid. En zijn leerlingen geloofden in Hem. |
| 12 | Hijzelf en zijn moeder, de broeders en zijn leerlingen; maar zij bleven daar slechts enkele dagen. |
| Johannes 2,1-12 |
Beginnen de geest te laten rusten bij Hem: Hij moet het doen. Het doen van de mens is van belang binnen het doen van God. Bidden is: Hem laten doen.
Een paar passen voor de plaats waar ik ga bidden, de
blik omhoog, zien hoe Hij me ziet met een creatieve, scheppende
blik. Hij ziet iets in me, zoals een kunstenaar de schone vorm
"schouwt" in de nog ruwe, weerbarstige materie.
Een gebaar maken van aanbidding, me klein maken voor
Hem.
De houding van het gebed aannemen, liggend, zittend of geknield, maar niet bewegen, want het gaat erom, dat ik me openstel voor wat Hij met me wil doen. En dat dan ook als een genade vragen, dat al mijn bedoelingen, daden en werkzaamheden zuiver geordend mogen zijn in dienst en lof van zijn goddelijke Majesteit. Zo geordend als de dienaren in het evangelie, die inderdaad doen wat Hij hun zei: "Doet maar wat Hij u zeggen zal."
De geschiedenis kort nagaan: Op een bruiloft ontbreekt de wijn. Dat heeft een diepere betekenis: de liefde in het verbond tussen God en de mensen is verschaald. Maria, hier optredend als de nieuwe Eva, reikt aan de nieuwe Adam het verlangen aan naar het herstel van de liefde. In haar is de hunkering van heel het mensdom aanwezig. Zo spreekt zij ook voor mij ten beste bij Jezus: ... heeft te weinig liefde.
De plaats waar dit geschiedde: in Kana in Galilea, dat wil zeggen een nederige plaats. En ook de plaats waar dit steeds weer opnieuw geschiedt: in onze kerken waar dagelijks het verbond vernieuwd wordt, waar Hij zijn liefde dagelijks vernieuwt. En ook mijn eigen hart zien als de plaats waar Hij de liefde wil vernieuwen.
De bijzondere genade vragen: Hem te mogen leren kennen met een innige, liefdevolle kennis, zodat er in mijn leven een nieuwe kwaliteit komt, een nieuwe warmte, een nieuwe vurigheid.
Dan in drie ronden het evangelie doornemen:
de personen zien: Maria, door Sint Jan met opzet
aangeduid als de "moeder van Jezus", haar daarmee uitheffend
boven alle andere Maria's. Door Jezus wordt zij echter aangeduid
als "vrouw", dat wil zeggen als "bruid", als "nieuwe Eva" met wie
Hij samen de nieuwe mensheid gaat scheppen: de kerk.
De leerlingen: als het ware met Jezus een twee-eenheid vormend:
Jezus en zijn leerlingen.
De dienaren: de bijzondere vertrouwelingen die het geheim van
Kana kennen.
Tafelmeester en bruidegom zijn min of meer figuranten, die worden
geleend en zich ervoor moeten laten lenen om iets te doen buiten
hun eigen bedoelingen om: namelijk het aanzeggen van de blijde
boodschap en het aanhoren ervan: "de tafelmeester riep de
bruidegom en zei hem: U hebt de goede wijn tot nu toe bewaard."
De woorden horen en beschouwen als tot mij gericht, bijvoorbeeld door ze enigszins te veranderen: Maria zegt tot Jezus over mij ... En Maria zegt tot mij: "Doe maar wat Jezus je zeggen zal."
Zien wat ze doen: zonder wijn zijn, zonder liefde tot
God, zonder verbondenheid met God.
Zien hoe Maria voor mij bemiddelt bij Jezus. Hoe Jezus dienaren
heeft, die zich in hun doen laten leiden door zijn woord. Hoe
geordend handelen die dienaren: "Doet die kruiken vol water. Zij
vulden ze tot bovenaan toe."
Ook het doen van Jezus nagaan: Hij doet zonder inspanning, zodat
Hij zelf op de achtergrond blijft.
Aan het eind de gesprekken met Maria, die altijd met
Jezus in gesprek is over mij; mij door haar naar Jezus laten
brengen. Een "Wees gegroet" bidden.
Tot Jezus bidden van hart tot hart. Besluiten met een "Ziel van
Christus, heilig mij". Me door Jezus bij de Vader laten inleiden.
Mijn hart uitstorten bij de Vader, een woord van aanbidding,
verheerlijking, smeking, voorbede. Sluiten met het Onze Vader.
In een wat andere houding, zodat ik kan schrijven de drie vragen
van de reflexie beantwoorden:
